Uw fiscale update

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Ut elit tellus, luctus nec ullamcorper mattis, pulvinar dapibus leo.

Formulier carry back in de personenbelasting is er!
10 oktober 2020

Formulier carry back in de personenbelasting is er!

Coronawet II (zijnde de wet van 23 juni 2020 houdende fiscale bepalingen ter bevorderingvan de liquiditeit en solvabiliteit van ondernemingen in het kader van de bestrijding van deeconomische gevolgen van de COVID-19-pandemie) heeft een éénmalige maatregel ingevoerd waarbij belastingplichtigen een deel of het geheel van hun winst en baten voor het aanslagjaar 2020 kunnen vrijstellen omwille van eventuele verliezen die in de loop van het belastbare tijdperk verbonden met het aanslagjaar 2021 worden geleden. Vermits de aangifte in de personenbelasting reeds was gepubliceerd op het moment dat de maatregel werd getroffen en dus geen codes bevat om de vrijstelling aan te vragen, moet die aanvraag gebeuren via een apart formulier. Bij KB van 22-08-2020 is de vorm en de inhoud van dat formulier alsook de termijn waarbinnen het moet worden ingediend gepubliceerd (BS 27.08.2020) Het ingediende formulier maakt deel uit van de aangifte voor het aanslagjaar 2020 Het formulier aan de hand waarvan de economische vrijstelling voor toekomstige verliezen wordt aangevraagd, vermeldt 1. de naam en voornaam van de belastingplichtige, 2. zijn fiscaal nummer (nationaal nummer of bisnummer toegekend door de KruispuntbankSociale Zekerheid) en 3. het bedrag waarvoor de vrijstelling wordt gevraagd. Wil je dit graag aanvragen? Laat het ons zeker weten, we helpen graag!  Bron: Practicali
Eenhoofdig worden in NV of BV: Bekendmakingsplicht
8 oktober 2020

Eenhoofdig worden in NV of BV: Bekendmakingsplicht

Op 6 mei 2020 werd reparatiewetgeving van 28 april 2020 aan het Wetboek vanVennootschappen en Verenigingen (WVV) gepubliceerd in het Belgische staatsblad. Eén van de doorgevoerde correcties betreft het eenhoofdig worden van een NV of BV tijdens het bestaan van de vennootschap. Zowel een NV als een BV kan men onder het WVV oprichten met één aandeelhouder, die zowel een natuurlijk persoon als een rechtspersoon kan zijn. We spreken dan over een zogeheten eenhoofdige vennootschap waarvan alle aandelen toebehoren aan één aandeelhouder. Dat gegeven dat alle aandelen in een hand verenigd zijn staat dan vermeld in de oprichtingsakte van de nieuwe vennootschap. Daarnaast kan een NV en een BV ook tijdens haar bestaan eenhoofdig worden. Voor de NV bepaalde artikel 7:231 WVV al dat het gegeven dat alle aandelen in een hand verenigd zijn, evenals de identiteit van de enige aandeelhouders moest worden neergelegd in het vennootschapsdossier dat wordt bijgehouden op de griffie van de ondernemingsrechtbank. Deze verplichting wordt uitgebreid naar de BV en kan men voortaan voor beide vennootschappen terugvinden in artikel 2:8, § 4 WVV. Artikel 7:231 WVV wordt dan ook opgeheven. Daarbij is een praktische vraag gerezen over het bekendmaken van het gegeven dat alle aandelen in één hand verenigd zijn. Moet dit enkel worden neergelegd in het vennootschapsdossier dat bij de griffie van de ondernemingsrechtbank wordt bijgehouden of is publicatie in het Belgisch Staatsblad nodig? Navraag bij de Griffie van de Ondernemingsrechtbank leert ons dat de neerleging moet worden gepubliceerd in de bijlagen tot het Belgisch Staatsblad conform art. 2:14, 4° WVV: “Voor vennootschappen worden bekendgemaakt de mededeling van het onderwerp van de stukken die volgens dit wetboek enkel moeten worden neergelegd”. M.a.w. er moet dus publicatie zijn van het feit dat de neerlegging is gebeurd. Voordeel Dankzij de eenhoofdigheid kunnen groepsvennootschappen voor 100% onder de moedervennootschap hangen zonder dat er één aandeel dient verhangen te worden. Ook een uitkoop van mede-aandeelhouders is mogelijk. Opmerking Alle vennootschappen kunnen opgericht worden door één persoon, tenzij het WVV dit uitdrukkelijk anders bepaalt. De maatschap, de VOF en de CommV moeten door minstens twee vennoten opgericht worden (art. 4:1 en 4:23 WVV) . De coöperatieve vennootschap zelfs door minstens drie (art. 6:3 WVV).   Bron: Practicali
Investeringsaftrek van 25% zal met 2 jaren verlengd worden
7 oktober 2020

Investeringsaftrek van 25% zal met 2 jaren verlengd worden

Het percentage van de gewone investeringsaftrek is tijdelijk verhoogd naar 25 % voor de gewone investeringen van zelfstandigen (natuurlijke personen) en van kleine vennootschappen (art. 1:24 WVV). Deze verhoging geldt voor de vaste activa verkregen of tot stand gebracht in de periode die loopt van 12 maart 2020 tot en met 31 december 2020 (Coronawet III van 15 juli 2020, B.S. 23 juli 2020). Het regeer akkoord kondigt aan dat deze maatregel zal worden verlengd met twee jaren. De aangekondigde verlenging met 2 jaren is goed nieuws. Dit bespaart menig ondernemer de moeite om alsnog terug te grijpen naar het betalen van voorschotten tegen het einde van 2020. VOORBEELD Bij de aankoop van een nieuwe machine van 100.000,00 EUR kan de ondernemer (eenmanszaak) of de kleine vennootschap voor het jaar van aanschaf 25.000,00 EUR (100.000,00 x 25%) extra aftrekken van zijn/haar belastbare winst, bovenop de jaarlijkse afschrijving op de aanschaffingswaarde van de machine. Indien de zelfstandige met zijn winsten of baten in de hoogste belastingschijf van de personenbelasting zit, dan moet hij/zij dus 12.500,00 EUR minder personenbelasting betalen dankzij deze investeringsaftrek. Gaat het om een kleine vennootschap waarvan haar eerste 100.000,00 EUR winst tegen het verlaagd tarief van 20% belast wordt, dan levert de investeringsaftrek haar een belastingbesparing van 5.000,00 EUR op. Basisvoorwaarden De basisvoorwaarden voor de investeringsaftrek moeten voldaan zijn. In de algemene regel moet het gaan om materiële vaste activa die in nieuwe staat zijn verkregen of tot stand gebracht en om nieuwe immateriële vaste activa. Deze nieuwe activa moeten in België uitsluitend voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt en ze moeten ten minste over drie jaar worden afgeschreven. Personenwagens en auto’s voor dubbel gebruik alsook investeringen die ook privé gebruikt worden (bv. smartphones) zijn uitgesloten. Wat ingeval van onvoldoende winst? Indien de gewone investeringsaftrek niet kan worden benut wegens geen of een te lage winst in 2020, dan is die niet-gebruikte investeringsaftrek onbeperkt overdraagbaar in de personenbelasting en maximaal voor één jaar overdraagbaar in de vennootschapsbelasting. De coronawet III laat toe dat een kleine vennootschap de niet-benutte gewone investeringsaftrek die betrekking heeft op investeringen gedaan tussen 1 januari 2019 t.e.m. 31 december 2019 mag overdragen worden naar de volgende twee belastbare tijdperken (i.p.v. enkel het volgende belastbare tijdperk). Hiermee wil de wetgever vermijden dat de kleine vennootschap de investeringsaftrek verloren ziet gaan doordat zij een niet-benutte investeringsaftrek van 2019 overdraagt naar 2020 maar ook daar niet kan benutten omdat de vennootschap een coronaverlies heeft geleden in 2020. Gewone of verhoogde investeringsaftrek? Door het tarief van de gewone investeringsaftrek te verhogen tot 25 % zal het in principe niet interessant zijn om de verhoogde investeringsaftrek van 13,5 % (voor digitale investeringen, voor energiebesparende investeringen) of 20,50 % (voor beveiligingsinvesteringen of voor O&O) toe te passen, tenzij omwille van de onbeperkte overdraagbaarheid van de verhoogde investeringsaftrek van 13,5% of 20,5%. Bron: Practicali
Jouw gids naar succes als ondernemer
16 september 2020

Jouw gids naar succes als ondernemer

Je bruist van enthousiasme en ideeën om een bloeiende zaak te starten. Maar hoe ga je van ondernemingsdroom naar zakelijk succes? Deze toolkit is dé reisgids die je daarbij begeleidt, en je wijk voor wijk inwijdt in de bruisende wereld van het ondernemersleven. Je vindt hier oefeningen, tips, templates en contacten om je netwerk te versterken, je ideeën aan te scherpen en je centen onder controle te houden – allemaal samengesteld door ondernemingsexperts en coaches die niets liever willen dan dat jij je dromen waarmaakt. Proficiat trouwens, en veel succes. Je start nu een fantastische reis.

Mis geen enkel hoogtepunt

Te veel ondernemers blijven in hun comfort zone zitten. Jij niet. Door in elke wijk op zoek te gaan naar vragen, antwoorden, partners en inzichten, bereid jij je perfect voor.
Bron
Nieuwe btw-regels voor e-commerce en verkopen op afstand
10 september 2020

Nieuwe btw-regels voor e-commerce en verkopen op afstand

De Europese Commissie stelt de invoering van de nieuwe btw-regels voor e-commerce (afstandsverkopen) uit met 6 maanden, tot 1 juli 2021. Deze regels vereenvoudigen de btw-heffing op grensoverschrijdende internetverkopen van goederen en diensten aan consumenten. Ze zouden oorspronkelijk op 1 januari 2021 van toepassing worden. Onder de nieuwe e-commerceregels zal de btw worden geheven in de lidstaat van bestemming en gelden gelijke concurrentievoorwaarden voor ondernemingen binnen en buiten deEuropese Unie. Voor de handel van buiten de EU zal de heffing vaak verschuldigd zijn door de platformen die betrokken zijn bij de verkoop. Door de Covid-19-crisis hebben verschillende lidstaten het moeilijk om tegen 31 december 2020 zowel hun IT-systemen als procedures te actualiseren die nodig zijn om de voorschriften te kunnen toepassen. Deze nieuwe richtlijnen voeren onder meer voor kleine e-commerce ondernemers een nieuwe omzetdrempel van 10.000 euro per jaar in. Indien zij deze drempel niet overschrijden en slechts in één EU-lidstaat gevestigd zijn, zullen zij de btw in rekening moeten brengen van de EU-lidstaat waar het transport van de goederen begint. Ze schaffen ook de btw-vrijstelling bij invoer af voor kleine zendingen die van buiten de EU komen en waarvan de waarde minder dan 22 euro bedraagt. Ze voeren de One StopShop (OSS)-regeling in (mini-éénloketsysteem (MOSS)). En ze zorgen ervoor dat de ondernemer vanaf de eerste afstandsverkoop btw verschuldigd zal zijn in de EU-lidstaat waar het transport eindigt (de bestaande omzetdrempels worden afgeschaft). Door het uitstel tot 1 juli 2021 krijgen de lidstaten nu dus 6 maanden langer de tijd om zowel hun IT-systemen als procedures in lijn te brengen met de nieuwe e-commerce regels.   Bron: Practicali
Stad Gent: Het Starterscontract
2 september 2020

Stad Gent: Het Starterscontract

Ben je een Gentse starter of herstarter en minder dan 2 jaar voltijds actief? Of maak je binnenkort de sprong naar het ondernemerschap? Boost je kansen, informeer je over het starterscontract van de Stad Gent en maak gebruik van onze premie tot 5.000 euro voor investeringen, cursussen of professioneel advies.

Tot 5.000 euro premie Met het starterscontract kan je tot 40% van je investeringen in de onderneming, kosten voor professioneel advies en begeleiding of inschrijvingsgelden van cursussen en opleidingen recupereren tot een maximale tussenkomst van 5.000 euro. De voorbije jaren konden 605 ondernemers al profiteren van deze dienst. Wil je zelf zo’n premie? Wij kunnen jou hiermee helpen. Voorwaarden
Starters:
  • Je bent een startende ondernemer of een beoefenaar van een vrij of intellectueel dienstverlenend beroep.
  • Je bent sinds minder dan 2 jaar onderworpen aan het sociaal statuut van zelfstandigen in hoofdberoep.
  • Je onderneming is gevestigd in Gent.
Herstarters:
  • Je hebt je onderneming minstens 1 jaar onderbroken.
  • Je bent sinds minder dan 2 jaar opnieuw onderworpen aan het sociaal statuut van zelfstandigen in hoofdberoep.
  • Je onderneming is gevestigd in Gent.
Met het contract verplicht je je ertoe om
  • een beroep te doen op professioneel advies gedurende 3 jaar.
  • engagementen voor cursussen te respecteren.
  • de zelfstandige activiteit minstens gedurende een ononderbroken periode van 3 jaar uit te oefenen.
  • de Stad Gent de nodige verantwoordingsstukken te bezorgen.
Bedrag
In het kader van het starterscontract kan je voor de volgende investeringen 40% van je uitgaven recupereren:
  • inschrijvings- en cursusgelden voor opleidingen voor ondernemingsdoeleinden
  • honoraria en kosten van professioneel advies en begeleiding (zoals bijvoorbeeld van je boekhoudkantoor)
  • investeringen in de onderneming
De maximale totale tussenkomst bedraagt 5.000 euro, inclusief BTW.
Procedure
Aanvraag De subsidieaanvraag gebeurt aan de hand van het online webformulier van Stad Gent. Idealiter heb je de nodige bewijsstukken in elektronische, respectievelijk papieren versie al bij de hand. Uiteraard kunnen wij deze formaliteiten ook in orde brengen voor jou. Contacteer ons dan via info@balan-z.be  Bron
4 Tips voor startende ondernemers
15 augustus 2020

4 Tips voor startende ondernemers

Ondernemen is altijd springen en risico nemen. Maar goede raad kan nooit kwaad en dus gingen we speciaal voor onze Gentse ondernemende zielen op de koffie bij Petra Andries, UGent professor Strategie en Ondernemerschap. Broed je dus op een fantastisch idee, of heeft dat idee al vorm gekregen en start je binnenkort je eigen onderneming? Bekijk dan zeker deze tips en je komt gegarandeerd een eind verder:
  • Maak een goed businessplan
“Plannen is zinvol. Zelfs in tijden waarin alles snel en veranderlijk is, blijft het een goed idee te vertrekken van een doordacht businessplan,” vertelt professor Andries. “Niet zozeer om aan vast te houden, maar als tool om kritisch te zijn ten opzichte van jezelf en je project. Bij het opstellen van je business plan, wordt je verplicht je assumpties en verwachtingen in kaart te brengen. En als de zaken dan achteraf toch minder vlot blijken te lopen dan gepland, weet je dat je je strategie moet bijstellen. Zeker wanneer het moeilijk gaat, komt een businessplan van pas. Ondernemers hebben de neiging hun zaak als hun baby te behandelen. En die laat je niet snel los als het moeilijk gaat. Maar soms is het als ondernemer beter om dat wel te doen als het niet meer te redden valt. Een goed businessplan helpt je om het overzicht te behouden, je assumpties in vraag te stellen en knopen door te hakken.”
  • Check of je de nodige competenties in huis hebt
“Ondernemers moeten manusjes-van-alles zijn,” aldus professor Andries. “Ze moeten van alles iets afweten, maar kunnen natuurlijk niet in alles expert zijn. Denk dus bij elke stap na of je zelf voldoende kennis hebt om de horde te overwinnen. Indien dat niet het geval is, doe je best beroep op experts, of kan je ook overwegen je team uit te breiden met een mede-oprichter.”
  • Zorg voor een goed netwerk
“Een goed netwerk is superbelangrijk. Sta open voor anderen, zorg dat je goed geconnecteerd bent, praat met veel mensen, collega’s,…”. Maar kijk ook verder volgens professor Andries. “Beperk je niet tot online contacten of kijk niet enkel binnen je eigen sector, maar maak ook gebruik van het overvloedige aanbod van netwerkevents. Er zijn vandaag zoveel kansen om samen met andere ondernemers en experts van gedachten te wisselen, dus maak daar gretig gebruik van.”
  • Verken je sector en industrie grondig
“Onderzoek grondig hoe aantrekkelijk de sector is waarop je je wil storten en speur naar de sterktes en opportuniteiten. Bekijk de machtsverhoudingen en vraag je af hoe jouw onderneming daarin kan functioneren,” aldus professor Andries. Bron
Update COVID-19: Federale nieuwigheden & Nieuws uit het Vlaamse subsidielandschap
5 augustus 2020

Update COVID-19: Federale nieuwigheden & Nieuws uit het Vlaamse subsidielandschap

Beste ondernemer, Beste klant, Met temperaturen boven de 30 graden is het voor velen puffen en zweten. Maar hoe warm het buiten ook is, we blijven jullie verder informeren over de laatste nieuwigheden, zowel op federaal vlak als vanuit het Vlaamse subsidielandschap. FEDERAAL Overbruggingsrecht:
  • Het overbruggingsrecht is verlengd tot 31/12/2020: (énkel voor sectoren mét verplichte onderbreking zoals bijvoorbeeld de evenementensector). Evenementen blijven verboden tot september 2020 en komen dus zeker in aanmerking. Men mag wel de activiteiten omvormen tot een zomerbar of klein festival.
  • Geen verlenging na 31/08/2020 voor overbruggingsrecht voor sectoren die vrijwillig sluiten voor minstens 7 dagen in een kalendermaand en mits bewijzen een daling van inkomsten/omzet/ bestellingen…  kunnen aantonen.

Fiscaal: Er is nu ook zekerheid dat dit vervangingsinkomen belast wordt aan 16,5%.

*De circulaire stelt wel voorwaarden aan het gunstige belastingtarief. Het bedrag van het overbruggingsrecht mag, samen met andere eventuele uitkeringen en vergoedingen, niet hoger liggen dan de netto-inkomsten die de zelfstandige de voorbije vier jaar uit de stopgezette activiteit behaalde. Is dat toch het geval, dan wordt het stuk boven die grens belast volgens de progressieve tarieven (Bron = De Tijd).

Relance-uitkering (overbruggingsrecht voor heropstart): Tijdelijke maatregel ter ondersteuning van heropstart: verlengd tot 31/10/2020 (mogelijks verlengd tot 31/12/2020).
  • Dit betreft de activiteiten die mogen hernemen en minstens tot en met 3 mei zwaar getroffen werden door sluitingsmaatregelen.
  • De toekenningsvoorwaarden blijven dezelfde.
Tijdelijke ouderschapsuitkering: Deze wordt verlengd tot september 2020. Uiterlijke aanvraagdatum = 30/9/2020 Springplank als zelfstandige: Dit voordeel kan worden verlengd door moeilijkheid om activiteit uit te oefenen tijdens corona-crisis. Vb. Springplank 14/5/2019 tot 13/5/2020: kan met 5 m. worden verlengd tot 13/10/2020 (verlenging aan te vragen bij de RVA). Uiterlijke datum van de verlenging = 31/12/2020   Tijdelijke werkloosheid en bijberoep: Versoepeling voor periode 1/2/2020 – 31/8/2020: inkomsten van zelfstandig bijberoep moeten niet worden aangegeven. Ze ebben geen invloed op bedrag daguitkering. Kan tot 31/12/2020 indien ‘zwaar getroffen sector’ (lijst van RVA nog niet uitgegeven) Certificaat overdracht: Wanneer ondernemer uitstel van betaling heeft aangevraagd voor 20/1 en 20/2, kan overnemer niet aansprakelijk gesteld worden voor deze onbetaalde twee kwartalen. NIEUWS UIT HET SUBSIDIELANDSCHAP (Vlaanderen) Tijdelijke bijkomende renovatietoelage voor de commerciële ruimte in Stad Antwerpen: Voor winkels en horecazaken in Antwerpen (maximum 400m2) is er nu een tijdelijke subsidie bij de aankoop van coronainvesteringen zoals kassaschermen, scheidings- en beschermingswanden, displays/telsystemen voor het respecteren van de social distancing-regels (geen handgel(houders), maskers, handschoenen etc)
  • Je krijgt 50% van factuurbedrag (exclusief BTW) terug met max. van 2.000 euro.
  • De werken moeten uitgevoerd en gefactureerd zijn tussen 1 april 2020 en 31 dec 2020 en er is geen minimum investeringsgrens
  • Enkel de uitbater of eigenaar-uitbater kan de toelage aanvragen
  • Uiterlijk indienen op 30 juni 2021.
Mobiliteitssector: Ondernemingen uit de taxi-, de autobus-, autocarsector en de auto- en fietsdeelsector kunnen ook van overheidssteun genieten voor de investeringen en kosten van de voertuigen. Wie komt in aanmerking? Aan welke voorwaarden ze moeten voldoen, vind je hier terug. Zorgsector: In deze link vind je de voordelen van het RIZIV voor de zorgsector, aangepast aan de specificiteit van het beroep. Deze tegemoetkoming voor de zorgverleners wordt door het ziekenfonds uitbetaald, maar is misschien wel nuttig om naar je klanten door te sturen zodat ze er zeker gebruik van maken. Ze maken een onderscheid tussen volgende categorieën:
  • Zorgverleners die de patiënten thuis of in een privépraktijk zien: thuisverpleegkundigen, artsen, kinesitherapeuten, logopedisten, vroedvrouwen, klinische psychologen en klinische orthopedagogen.
  • Apothekers, audiciens, opticiens, bandagisten, orthopedisten, medische huizen en revalidatiecentra
  • Diëtisten, ergotherapeuten, podologen en orthoptisten
  • Tandartsen, artsen-specialisten in de stomatologie en de otorhinolaryngologie
Digitale transformatieprojecten: In onze vorige update kon je al kennis maken met deze nieuwe subisidie die van kracht gaat vanaf september. Ondertussen weten we ook al dat de kostprijs van de externe dienstverlener minstens 10.000 euro moet zijn, indien je de combinatie wil gebruiken (dienstverlener + eigen personeel). Doe je enkel beroep op een externe dienstverlener, bedraagt de investering minstens 20.000 euro. De subsidie gaat dus vooral om het inkopen van digitale kennis die je helpt je bedrijf te transformeren. Een externe dienstverlener is verplicht om een aanvraag in te kunnen dienen. Vragen over subsidies? Stuur gerust een e-mail naar  info@balan-z.be en we helpen je met veel plezier verder. Uiteraard blijven we ook paraat voor al je vragen over het (relance)overbruggingsrecht, premies van Vlaio enzoverder.
Update COVID-19: De cultuurcoronapremie, aanvullende compenstatiepremie,…
3 augustus 2020

Update COVID-19: De cultuurcoronapremie, aanvullende compenstatiepremie,…

Beste ondernemer, Beste klant, We starten de week met een aantal nuttige items. We komen nog eens terug op de cultuurcoronapremie en spreken over de aanvullende compensatiepremie, het terugbetaalbaar voorschot voor de evenementensector en als laatste hebben we het over de consumptiecheque van 300 EUR.   De Cultuurcoronapremie We kregen al heel wat vragen van zelfstandigen in bijberoep die actief zijn in de cultuur- of creatieve sector. Zoals je in onze vorige update kon lezen mag je bruto inkomen in het tweede kwartaal van 2020 niet meer bedragen dan 4877,16 euro. Om het totaal bruto inkomen te berekenen, telt men zowel voor zelfstandigen alsook werknemers het brutoloon, vervangingsinkomen en omzet als zelfstandige samen. Bijvoorbeeld: een DJ in bijberoep. Wanneer zijn inkomen als loontrekkende voor april, mei en juni groter is dan 4877,16 euro, komt hij niet in aanmerking. Viel hij  tijdens die periode bijvoorbeeld op technische werkloosheid en overschreed zijn uitkering de 4877,16 euro niet, komt hij WEL in aanmerking. Kijk dus zeker zelf eens na of je hiervoor in aanmerking komt! Uiteraard komen ook hoofdberoepers in aanmerking die niet van de Hinder- of Compensatiepremie kunnen genieten & aan de voorwaarden voldoen.   De aanvullende compensatiepremie Hieronder vinden jullie een overzicht van de steden en gemeenten die een aanvullende premie voorzien voor ondernemers die aanspraak maken op de Hinder- en Compensatiepremie: Borgloon: Lokale handelaars en zelfstandigen gevestigd in Borgloon worden ook financieel ondersteund. Wie in aanmerking komt voor de corona hinderpremie krijgt een premie van € 500. Wie in aanmerking komt voor de corona compensatiepremie krijgt een premie van € 250 Brakel: Brakel ondersteunt de lokale ondernemers met een premie van € 500 als zij de Corona hinderpremie ontvangen. Wie in aanmerking komt voor de Corona compensatiepremie van € 3000 kan eveneens een premie van € 500 ontvangen. Wie in aanmerking komt voor de compensatiepremie van € 1500 kan € 250 aanvragen. Brasschaat: Brasschaat voorziet een “Braspremie” voor de lokale ondernemers. Dit is een tegemoetkoming in de aankoop van veiligheidsmaatregelen voor ondernemingen die een corona hinderpremie ontvingen. De horeca kan maximum € 500 krijgen. De detailhandel en dienstensector kunnen maximum € 250 aanvragen. Evergem: Evergem investeert € 400.000 in een ‘Warm Evergem bon’ voor inwoners en ondernemers. Alle bedrijven die een hinderpremie kregen, ontvangen een pakket bonnen ter waarde van € 200. Ondernemers die ten vroegste op 1 maart 2018 startten en die een hinderpremie kregen, ontvangen een pakket bonnen ter waarde van € 400. Gingelom: De gemeente Gingelom voorziet een tussenkomst van € 500 voor ondernemingen die de corona hinderpremie kregen en € 250 voor ondernemingen die de corona compensatiepremie kregen. Grimbergen: Ook Grimbergen heeft plannen om een aanvullende premie toe te kennen aan de ondernemingen en zelfstandigen die een Corona hinderpremie of Corona compensatiepremie ontvangen. Deze premie bedraagt 10% van de premie die door de Vlaamse overheid wordt toegekend. Voor de Corona hinderpremie is dit inclusief het bedrag van de sluitingspremie. Ham: De gemeente Ham voorziet € 150 voor ondernemingen die een corona hinderpremie, corona compensatiepremie of overbruggingsrecht kregen. Hamont-Achel: Hamont-Achel kent € 750 toe aan ondernemingen die de corona compensatiepremie kregen. Voor de ondernemingen die verplicht moesten sluiten lanceert de gemeente een cadeaubonsysteem onder de naam ‘HApplausjes’. Ichtegem: Het lokaal bestuur van Ichtegem geeft een éénmalige premie van € 250 aan de handelaars die de deuren volledig of gedeeltelijk moesten sluiten omwille van het coronavirus. De ondernemingen en handelaars die de hinder- of compensatiepremie van VLAIO verkregen hebben, komen hiervoor in aanmerking. Kalmthout: Kalmthout voorziet een premie van € 500 voor de ondernemers die de Vlaamse Corona hinderpremie krijgen. Kortrijk: Kortrijk voorziet 3 premies die aanvullend zijn op de Vlaamse premies. De ReCapremie van € 1000 is er voor restaurants en cafés die recht hebben op de Corona hinderpremie. De Handelspremie van € 500 richt zich tot de andere handelszaken die verplicht dienden te sluiten aanvullend op de Corona hinderpremie. Met de Eventpremie van € 500 ondersteunt ze de ondernemingen uit de eventsector die de Corona compensatiepremie ontvingen. Lokeren: De stad Lokeren geeft een vrijstelling van de algemene bedrijfsbelasting aan ondernemingen die de corona hinderpremie of de corona compensatiepremie kregen. Nazareth: Nazareth geeft aan ongeveer 265 lokale bedrijven een toeslag van € 500 wanneer ze recht hebben op de corona hinderpremie. Aan ongeveer 150 handelszaken wordt € 250 gegeven wanneer ze recht hebben op de corona compensatiepremie. De toeslag wordt evenredig verminderd wanneer de premie niet volledig uitgekeerd wordt. Oudenaarde: Oudenaarde lanceert een lokale ondersteuningspremie voor ondernemingen die de Vlaamse hinder- of compensatiepremie ontvangen hebben. De ondernemingen met een vestiging op het Oudenaards grondgebied kunnen een éénmalige lokale premie aanvragen van € 500 bij ontvangst van de hinderpremie en € 250 bij ontvangst van de compensatiepremie. Schilde: Schilde voorziet voor o.m. lokale ondernemers die getroffen zijn door een sluiting een extra gemeentelijke toelage van € 500. Deze relancemaatregel is gekoppeld aan de Vlaamse corona hinderpremie voor ondernemers. Waregem: Waregem biedt aan lokale zelfstandigen en ondernemingen in hoofdberoep, actief in de artistieke- en evenementensector en afgeleiden inclusief horeca, zelfstandig personenvervoer, kleinhandel, land- en tuinbouw, paramedische beroepen, reis- en recreatiesector of zelfstandige kinderopvang een toelage aan van € 750 als aanvulling op de Vlaamse corona compensatiepremie. Zandhoven: Zandhoven geeft een extra hinderpremie van € 500 aan de bedrijven die verplicht moesten sluiten.   Terugbetaalbaar voorschot voor evenementensector Omwille van het coronavirus is er nog steeds grote onzekerheid in de evenementensector. Vanaf september voorziet de Vlaamse overheid een terugbetaalbaar voorschot voor organisatoren dat werkkapitaal creëert om nieuwe evenementen op te zetten en voor te bereiden vanaf najaar 2020. – 1e oproep: in september voor events tot 31/12/2020 – 2e oproep: in november/begin december voor events in 2021 Terugbetaalbaar voorschot: 60% van de kosten met een minimum van 25.000 euro en maximum 800.000 euro (beperkt tot niet recupereerbare kosten en onvermijdbare facturen). (Kost van 2% voor de steunaanvrager) Voor wie? Ondernemingen en VZW’s met een operationele exploitatiezetel in Vlaanderen Voor welke evenementen? Die plaatsvinden in het Vlaams of Brussels Gewest Wanneer moet de ondernemer het voorschot terugbetalen? Als het event doorgaat moet de ondernemer het voorschot terugbetalen binnen de drie maanden na het event Wanneer moet de ondernemer het voorschot NIET terugbetalen? Het voorschot moet niet terugbetaald worden wanneer het event geannuleerd wordt omwille van de overheidsmaatregelen met betrekking tot COVID-19. Enkele voorwaarden:
  • Een groene score van CERM-scan kunnen voorleggen
  • Rendabel business plan voorleggen
  • Over voldoende financiering beschikken
Klanten die hierover vragen stellen en alle voorwaarden willen weten, kunnen steeds bij ons terecht voor meer vragen.   De Consumptiecheque van 300 euro Kom je als bedrijfsleider in aanmerking voor de consumptiecheque? Nee FOD Financiën heeft deze week aan de unie van sociale secretariaten bevestigd dat consumptiecheques niet bestemd zijn voor zelfstandige bedrijfsleiders.  
Update COVID-19: Subsidies in de kijker – De Cultuurcoronapremie & Digitale transformatieprojecten
28 juli 2020

Update COVID-19: Subsidies in de kijker – De Cultuurcoronapremie & Digitale transformatieprojecten

Beste ondernemer, Beste klant, Het is even geleden en velen onder jullie zijn waarschijnlijk volop aan het genieten van een welverdiende vakantie. Die van mij is alweer achter de rug, dus opnieuw tijd om jullie weer helemaal up to date brengen. We willen deze twee belangrijke subsidies in de kijker zetten, nl. de Cultuurcoronapremie & Digitale transformatieprojecten. 1. De Cultuurcoronapremie Wat? De Cultuurcoronapremie is voor natuurlijke personen die geen recht hebben op een coronapremie van Vlaio of andere federale maatregelen (vb. overbrugginsrecht), maar toch schade hebben door de coronacrisis. Bedrag De Premie bedraagt maximum 1.500 euro. Deadline = 31 augustus 2020 om 15 uur. Voor wie? Natuurlijke personen (loontrekkenden of eenmanszaken) die professioneel actief zijn binnen de Vlaamse cultuursector.
  • Zelfstandigen (in hoofd- of bijberoep) 
  • Gevestigd in het Vlaanderen of Brussel-Hoofdstad.
  • Eenmanszaak is sinds 13/03/2020 niet failliet, stopgezet, of in vereffening.
  • Actief binnen een van deze NACE-codes en professioneel actief in de Vlaamse cultuursector.
  • Geen recht op:
  • Tijdens het tweede kwartaal van 2020 lag de omzet lager dan 4.877,16 euro.
  • Loontrekkenden
  • Actief als loontrekkende in de Vlaamse cultuursector
  • Woonplaats ligt in Vlaanderen of Brussel-Hoofdstad.
  • Gedurende de periode januari – juni 2020 actief binnen een van de hierbij opgesomde paritaire comités professioneel actief in de Vlaamse cultuursector.
  • Geen recht op de Brusselse premie voor cultuurwerkers
  • Tijdens het tweede kwartaal 2020 lag het bruto inkomen lager dan 4.877,16 euro.
Aanvragen kan via deze link. 2. Digitale transformatieprojecten Wat? Dit is een subsidie om de Vlaamse KMO’s te ondersteunen bij het duurzaam verhogen (transformatie) van hun digitale maturiteit, m.aw. deze subsidie wordt toegekend voor het inkopen van kennis en expertise die je nodig hebt om digitaal te kunnen transformeren. Werken met een externe dienstverlener is verplicht, al dan niet in combinatie met de inzet van je eigen personeel. Deadline = 01/09/2020  tot 31/10/2020 om 12u00. Belangrijk ! Aanvragen kunnen ingediend worden vanaf 1 september, maar ze worden beslist in volgorde van indiening tot de middelen op zijn. Snel zijn is de boodschap! Bedrag Deze KMO’s die zich klaarstomen voor de toekomst kunnen maximum € 50.000 subsidie steun krijgen voor de kosten van externe dienstverleners, maar ook eventuele kosten van eigen personeel. Subsidiepercentage externe dienstverlener = 50% (maximum 25.000 euro). Subsidiepercentage eigen kosten personeel = 50% (maximum 25.000 euro). Voor wie?
  • KMO in het Vlaams Gewest (inclusief vrije beroepers)
  • Aanvaardbare rechtsvorm (VZW’s zijn uitgesloten)
  • Aanvaardbare hoofdactiviteit
  • Actief zijn in de privésector
  • Je onderneming heeft geen negatief eigen vermogen op de indieningsdatum
Ondernemingen die de voorbije 12 maanden een goedkeuring kregen van de KMO-Groeisubsidie zijn uitgesloten. Welke projecten?
  • het project ondersteunt de transitie naar een digitale data-gedreven onderneming onder andere via een slim gebruik en beheer van data
  • het project kan zich richten op zowel producten, diensten als processen van ondernemingen en de wijzigingen van het business model die hiermee gepaard kunnen gaan
  • het project draagt bij tot de realisatie van de bedrijfsstrategie en/of is gerelateerd  aan de bedrijf kritische processen van de onderneming
  • het project kan tot implementatie binnen de ondernemingen leiden tijdens of kort nà de looptijd van het project
  • het project is steeds maatwerk en vertoont voldoende uitdaging en ambitie waardoor de onderneming zich in de toekomst kan onderscheiden in de relevante markt waarin de onderneming opereert (of beoogt te opereren)
Welke projecten niet?
  • Projecten die louter gericht zijn op het verhogen van de maturiteit van ondernemingen op vlak van cybersecurity
  • Projecten die louter een investeringsbeslissing en implementatie van standaardsoftware of standaard digitale toepassingen beogen in het kader van de normale bedrijfsactiviteiten of die louter gericht zijn op het mee-evolueren met de sector komen niet in aanmerking.
Welke kosten? A. Externe dienstverlener (moeten factureren aan marktprijs):
  • de personeelskosten van de dienstverlener in het kader van het project;
  • de overheadkosten van de dienstverlener in het kader van het project.
B. Eigen kosten voor (nieuw) personeel die aan dit project meewerken:
  • de personeelskosten van de medewerkers die rechtstreeks betrokken zijn bij de uitvoering van het project. De loonkosten worden begroot op basis van het bruto maandsalaris (uitgaande van een voltijdse tewerkstelling) van de ingezette personeelsleden, vermenigvuldigd met een verhogingsfactor van 1,596, en rekening houdend met de aan het project bestede tijd gedurende de eerste 12 maanden.
  • overhead- en werkingskosten: een forfaitair bedrag van maximaal 20% op de aanvaarde personeelskosten in functie van de uitvoering van het project.
 Opgelet !  Eénzelfde dienstverlener kan niet betrokken zijn bij verschillende vergelijkbare projectaanvragen. Deze subsidie moet op voorhand aangevraagd worden! Start de externe dienstverlener op 1 september, dan moeten wij in augustus het dossier voor jou indienen. Heb je vragen over deze subsidies? Stuur een mail naar info@balan-z.be en we gaan met veel plezier voor jou aan de slag. Nog een prettige dag en hou het coronavrij!
Verhoogde investeringsaftrek van 25% tot eind 2020
20 juni 2020

Verhoogde investeringsaftrek van 25% tot eind 2020

Een onderneming, die bij de oprichting of uitbreiding van haar activiteiten een investering uitvoert, kan onder bepaalde voorwaarden een investeringsaftrek verkrijgen. Dit is een fiscaal voordeel waarbij men een bepaald percentage van de aanschaffings- of beleggingswaarde van de investeringen uitgevoerd tijdens het belastbaar tijdperk, mag aftrekken van de belastbare winst. Het percentage past men éénmalig toe op de aanschaffings- of beleggingswaarde van de goederen. In enkele gevallen mag men de aftrek spreiden over de afschrijvingsperiode van de investeringen. Vooral de verhoogde aftrekken zijn belangrijk. Indien de winst onvoldoende is, mogen de investeringsaftrekken die niet kunnen worden verricht, onder bepaalde voorwaarden overgedragen worden op de winsten van de volgende belastbare tijdperken. In het kader van het derde luik van het Federaal Plan voor Sociale en Economische Bescherming werd er beslist om een verhoogde investeringsaftrek van 25% in te voeren voor investeringen die tussen 12 maart en 31 december 2020 worden uitgevoerd door eenmanszaken, vrije beroepen en kleine vennootschappen. Daarnaast zal ook de overdracht van de investeringsaftrek aangelegd in het boekjaar 2019 worden versoepeld. Deze informatie moet nog juridisch worden uitgewerkt. We houden je op de hoogte. Wie komt in aanmerking? De investeringsaftrek kan, afhankelijk van de categorie, genoten worden door eenmanszaken, kleine en grote vennootschappen die winsten ontvangen uit een industriële, commerciële of landbouwactiviteit. Ook de beoefenaars van vrije beroepen komen in aanmerking. Vzw’s zijn bijgevolg uitgesloten. Een kleine vennootschap (zoals gedefinieerd in artikel 1:24, §§ 1 tot 6, van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen) is een vennootschap die voor het laatst afgesloten boekjaar niet meer dan één van de volgende criteria overschrijdt:
  • Jaargemiddeld personeelsbestand: 50 werknemers;
  • Jaaromzet exclusief btw: € 9.000.000;
  • balanstotaal: € 4.500.000.
Wanneer meer dan één van de criteria worden overschreden of niet meer wordt overschreden, heeft dit slechts gevolgen wanneer dit zich in twee opeenvolgende boekjaren voordoet. De gevolgen gaan dan in vanaf het daaropvolgende boekjaar. In het geval van verbonden vennootschappen moeten de criteria inzake omzet en balanstotaal op geconsolideerde (gegroepeerde) basis worden berekend. Wat het criterium personeelsbestand betreft, wordt het aantal werknemers opgeteld dat door elk van de betrokken verbonden vennootschappen jaarlijks gemiddeld wordt tewerkgesteld. Wanneer er boekhoudkundig geen consolidatie wordt opgemaakt, kan men kiezen voor een alternatieve consolidatie (verhoging van de drempels met 20% tot € 10,8 miljoen omzet en € 5,4 miljoen balanstotaal). Wat komt in aanmerking? In de algemene regel moet het gaan om materiële vaste activa die in nieuwe staat zijn verkregen of tot stand gebracht en om nieuwe immateriële vaste activa. Deze activa moeten in België uitsluitend voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt en ze moeten ten minste over drie jaar afschrijfbaar zijn. ‘Leasing’ komt ook in aanmerking. Volgende investeringen zijn uitgesloten van de investeringsaftrek:
  • niet uitsluitend voor het beroep gebruikte activa;
  • activa die geen rechtstreeks verband houden met de bestaande of geplande economische werkzaamheid;
  • de gebouwen aangeschaft in het vooruitzicht van wederverkoop;
  • de bijkomende lasten indien ze niet samen met de activa waarop ze betrekking hebben, worden afgeschreven;
  • de personenwagens en de wagens voor dubbel gebruik;
  • activa waarvan het recht van gebruik op een andere wijze dan leasing, erfpacht, … (bvb. via een huurovereenkomst) aan een derde wordt verleend. Een uitzondering wordt echter gemaakt als de gebruiker een natuurlijk persoon is of een vennootschap die het gehuurde goed gebruikt voor de uitoefening van de beroepsactiviteit (zie financien.belgium.be/nl/ondernemingen/vennootschapsbelasting  > Belastingvoordelen > Investeringsaftrek > Welke investeringen zijn uitgesloten van de aftrek);
  • activa waarvan het recht van gebruik van een leasing-, erfpacht-, opstal-, of gelijkaardige overeenkomst aan een derde worden overgedragen;
  • activa die niet afschrijfbaar zijn of worden afgeschreven over een termijn van minder dan 3 belastbare tijdperken.
Gewone en gespreide investeringaftrek
Investeringen in 2020 (aj 2021) Gewone investeringen Gespreide aftrek
Natuurlijke personen 8% 10,5%*
Kleine vennootschappen 8% /
Andere vennootschappen / /
*De gespreide aftrek voor gewone investeringen (de aftrek wordt gespreid over de afschrijvingsperiode van de investeringen) kan enkel worden toegepast indien de onderneming minder dan 20 werknemers tewerkstelt. Sinds het aanslagjaar 2007 is de gespreide aftrek voor vennootschappen afgeschaft. Indien die aftrek echter werd verleend voor een vroeger aanslagjaar, dan blijft de investeringsaftrek lopen voor de resterende periode ervan.
Digitale investeringen
Investeringen in 2020 (aj 2021)
Natuurlijke personen 13,5%
Kleine vennootschappen 13,5%
Andere vennootschappen /
Voor de investeringen verkregen of tot stand gebracht tussen 1 januari 2020 en 31 december 2020. Deze verhoogde aftrek heeft betrekking op de digitale vaste activa die dienen voor de integratie en de exploitatie van digitale betalings- en factureringssystemen en de systemen die dienen voor de beveiliging van informatie- en communicatietechnologie. Ook eenmanszaken moeten hier beantwoorden aan de criteria van artikel 15 §§ 1 tot 6 van het Wetboek van vennootschappen. Ook de investering in een witte kassa of in een webshop voor e-commerce komen in aanmerking voor het fiscaal voordeel.
Energiebesparende investeringen
Investeringen in 2020 (aj 2021)
Natuurlijke personen 13,5%
Kleine vennootschappen 13,5%
Andere vennootschappen 13,5%
Om te kunnen genieten van de verhoogde investeringsaftrek voor energiebesparende investeringen moeten deze investeringen opgenomen zijn in een bepaalde categorie (zie bijlage). Bovendien moet er een attest bij de belastingaangifte worden toegevoegd. Dit attest wordt digitaal aangevraagd binnen drie maanden na de laatste dag van het belastbaar tijdperk waarin de activa zijn verworven, via: www.energiesparen.be/inleiding-formulier-verhoogde-investeringsaftrek. Facturen moeten, samen met een ondertekende verklaring op erewoord en een automatische gegenereerde samenvatting van de dossiergegevens, verstuurd worden naar:
Vlaamse Overheid Vlaams Energie Agentschap Koning Albert II-laan 20, bus 17 1000 Brussel T 02 553 46 00 E-mail: investeringsaftrek@vea.be Website: www.energiesparen.be/verhoogdeinvesteringsaftrek
Investeringen in beveiliging
Investeringen in 2020 (aj 2021)
Natuurlijke personen 20,5%
Kleine vennootschappen 20,5%
Andere vennootschappen /
Deze categorie betreft de investeringen voor de beveiliging van de beroepslokalen of bedrijfsvoertuigen en is enkel van toepassing voor kleine vennootschappen.
Investeringen voor de beveiliging van de beroepslokalen
Volgende investeringen van nieuw materiaal komen in aanmerking:
  • anti-ramkraaksystemen;
  • toegangscontrolesystemenvertragingselementen op de parking;
  • specifiek inbraakwerend glas;
  • specifiek inbraakwerende rolluiken;
  • beveiligingssystemen voor deuren, ramen, luiken, garagepoorten, lichtkoepels, dakvensters, keldergaten en hekkengepantserde deuren;
  • materieel voor de detectie van diefstal;
  • goederenkluis met een inbraakvertragend slot;
  • kassa’s met beschermkap of een anti-graaikap;
  • neutralisatiesysteem van waarden (light-CIT);
  • specifiek inbraakwerende afrastering voor bouwwervensloten en andere beveiligingssystemen van materieel op een bouwwerf;
  • alarmsystemen camerasystemen;
  • volgsystemen.
De aannemer moet aangeven in welke beroepslokalen de werken werden uitgevoerd en een verklaring afleggen over de kwaliteit ervan. De aannemer moet dus aantonen dat de investeringen en materialen voldoen aan de wettelijke vereisten. Gratis advies hieromtrent kan men inwinnen bij de preventie-ambtenaar in de betrokken politiezone. Zie www.besafe.be/nl/veiligheidsthemas/ondernemers-vrije-beroepen/fiscaal-voordeel/investeringsaftrek-voor-beveiliging.
Investeringen voor de beveiliging van bedrijfsvoertuigen
Bedrijfsvoertuigen worden hierbij gedefinieerd als:
  • voertuigen aangewend voor bezoldigd personenvervoer, met name autobussen, autocars en de autovoertuigen die uitsluitend worden aangewend hetzij tot een taxidienst, hetzij tot verhuring met bestuurder;
  • voertuigen aangewend voor goederenvervoer, met name trekkers en vrachtwagens, en aanhangwagens en opleggers met een maximum toegelaten massa van minstens 4 ton.
Voor de investeringen in beveiligingen komt het volgende in aanmerking:
  • immobilisatiesystemen die het starten van het bedrijfsvoertuig beletten;
  • alarmsystemen die de inbraak of geweldsuitoefening in het bedrijfsvoertuig detecteren;
  • alarmsystemen die door de chauffeur van het bedrijfsvoertuig kunnen worden ingeschakeld bij het opmerken van een poging tot inbraak of geweldpleging;
  • nadiefstalsystemen die erop gericht zijn te verhinderen dat een gestolen voertuig verdwijnt of die een gestolen bedrijfsvoertuig kunnen positioneren en volgen;
  • sloten en andere beveiligingssystemen die de toegang tot het bedrijfsvoertuig verhinderen of vertragen.
De alarmsystemen moeten geplaatst worden door een erkende beveiligingsonderneming. Deze onderneming moet een factuur uitreiken die aan een aantal voorwaarden voldoet. Zo moet de installateur op de factuur verklaren dat het geïnstalleerd materieel gecertificeerd is volgens het kwaliteitslabel INCERT of volgens een gelijkaardige kwaliteitsnorm. Daarnaast moet hij verklaren dat het geplaatst materieel het stelen van het bedrijfsvoertuig beoogt te verhinderen of te vertragen of  dat het geplaatst materieel een slot of een ander beveiligingssysteem is die op het bedrijfsvoertuig wordt geplaatst. Belastingaangifte De belastingplichtige moet een formulier 275U bij de aangifte in de vennootschapsbelasting voegen. De uitgaven moeten opgenomen worden in de belastingaangifte. Volgende documenten moeten ter beschikking worden gehouden voor de FOD financiën:
  • Facturen van de investering;
  • Betalingsbewijzen van deze facturen;
  • Verklaring van de aannemer op de factuur of bijlage die de kwaliteit van het materiaal garandeert;
  • Voor de alarmsystemen en de volgsystemen, het bewijs van een geschreven overeenkomst met een goedgekeurde alarmcentrale;
  • Voor de camerasystemen, het attest dat bewijst dat het systeem werd aangegeven bij de Commissie ter Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer.
Voor bijkomende inlichtingen: FOD Binnenlandse Zaken Algemene Directie Veiligheid en Preventie Directie Lokale Integrale Veiligheid Waterloolaan 76 1000 Brussel
T 02 557 35 55 E-mail: sliv@ibz.fgov.be Website: www.besafe.be
Investeringen in O&O
Investeringen in 2020 (aj 2021)  investeringen in O&O gespreide aftrek
Natuurlijke personen 13,5% 20,5%*
Kleine vennootschappen 13,5% 20,5%* **
Andere vennootschappen 13,5% 20,5%**
Deze verhoogde aftrek geldt voor ‘milieuvriendelijke’ investeringen n onderzoek en ontwikkeling. Dit zijn investeringen in onderzoek en ontwikkeling van nieuwe producten en toekomstgerichte technologieën die geen effect op het leefmilieu hebben of die het negatieve effect op het leefmilieu zoveel mogelijk proberen te beperken. Om van deze aftrek te kunnen genieten, moet het bedrijf een R&D-afdeling hebben. Om dit milieuvriendelijk karakter van de investering te bewijzen moet een attest worden gevoegd bij de aangifte van de inkomstenbelastingen van het tijdperk waarin de bedoelde bestanddelen zijn aangeschaft of tot stand gebracht. Een aanvraagformulier tot het verkrijgen van dit attest wordt aangevraagd bij: Vlaamse Overheid Departement Omgeving Afdeling Partnerschappen met Besturen en Maatschappij Koning Albert II-laan 20, bus 8 1000 Brussel T 02 553 85 04 E-mail: attestOenO.omgeving@vlaanderen.be Website: www.omgevingvlaanderen.be *Voor de gespreide aftrek voor milieuvriendelijke investeringen in O&O (de aftrek wordt gespreid over de afschrijvingsperiode van de investeringen) is de voorwaarde van een tewerkstelling van minder dan 20 werknemers niet van toepassing.
**Sinds het aanslagjaar 2007 kunnen vennootschappen opteren voor het belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling. Het fiscale voordeel wordt hierbij niet toegekend in de vorm van een aftrek van het fiscale resultaat, maar op de verschuldigde vennootschapsbelasting wordt er een belastingvermindering toegepast. Vennootschappen die kiezen voor dit belastingkrediet kunnen nooit meer de investeringsaftrek toepassen voor octrooien en milieuvriendelijke investeringen in onderzoek en ontwikkeling (zowel de éénmalige als de gespreide).
Verwerving van Octrooien
Investeringen in 2020 (aj 2021)
Natuurlijke personen 13,5%
Kleine vennootschappen 13,5%
Andere vennootschappen 13,5%
Deze aftrek is van toepassing op de ‘verwerving’ van octrooien. Deze verwerving moet worden gestaafd door:
  • en afschrift van het contract op grond waarvan de onderneming het octrooi of het recht tot exploitatie ervan heeft aangeschaft;
  • het bewijs dat het octrooi of het recht tot exploitatie ervan nooit door een andere onderneming voor het uitoefenen van haar beroepswerkzaamheid in België is gebruikt.
Sinds het aanslagjaar 2007 kunnen vennootschappen opteren voor het belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling. Het fiscale voordeel wordt hierbij niet toegekend in de vorm van een aftrek van het fiscale resultaat, maar op de verschuldigde vennootschapsbelasting wordt er een belastingvermindering toegepast. Vennootschappen die kiezen voor dit belastingkrediet kunnen nooit meer de investeringsaftrek toepassen voor octrooien en milieuvriendelijke investeringen in onderzoek en ontwikkeling (zowel de éénmalige als de gespreide).
Investeringen ter bevordering van herbruikbare verpakkingen
Investeringen in 2020 (aj 2021)
Natuurlijke personen /
Vennootschappen 3%
Investeringen met betrekking tot productie en recyclage van herbruikbare verpakkingen geven recht op een aftrek van 3% voor alle vennootschappen.
Investeringen in rookafzuig- of verluchtingssystemen
Investeringen in 2020 (aj 2021)
Natuurlijke personen 13,5%
Kleine vennootschappen 13,5%
Andere vennootschappen 13,5%
Deze investeringsaftrek is specifiek voor horeca-inrichtingen die investeren in een rookafzuigsysteem of een verluchtingssysteem in een rookkamer.
Investeringen in zeeschepen
Investeringen in 2020 (aj 2021)
Natuurlijke personen /
Vennootschappen 30%
De investeringsaftrek voor investeringen in zeeschepen is enkel van toepassing op vennootschappen die uitsluitend winst uit zeescheepvaart verkrijgen.

Overdragen naar een volgend belastbaar tijdperk

De investeringsaftrek wordt toegepast op de winst of de baten van het belastbare tijdperk waarin deze investering werd aangekocht. De aftrek is van toepassing:
  • vóór de aanrekening van de verliezen uit andere beroepswerkzaamheden als men onderworpen is aan de personenbelasting;
  • op de allerlaatste plaats, dus na elke andere aftrek, als men onderworpen is aan de vennootschapsbelasting.
Als er in een belastbaar tijdperk onvoldoende winst of baten zijn, wordt de aftrek zonder enige tijdsbeperking naar de volgende belastbare tijdperken overgedragen. De aftrek van de overgedragen vrijstelling op de winst of baten van elk van de volgende belastbare tijdperken wordt beperkt tot € 1.011.900 per belastbaar tijdperk of, wanneer het totale bedrag van de overgedragen vrijstelling op het einde van het vorige belastbare tijdperk € 4.047.610 overtreft, tot 25 % van dat totale bedrag (aanslagjaar 2020, inkomstenjaar 2019).

Aanvraagprocedure

Natuurlijke personen moeten een ingevuld, gedateerd en ondertekend formulier 276U (beschikbaar op www.myminfin.be) bij hun aangifte in de personenbelasting voegen of het ter beschikking houden van de administratie. Vennootschappen moeten het vak 275U in Biztax invullen als zij hun aangifte in de vennootschapsbelasting indienen. Bij een vrijstelling van de verplichting tot elektronische indiening moeten de ondernemingen het formulier 275U gebruiken (beschikbaar op www.myminfin.be). Daarnaast moet er per categorie van vaste activa een opgave ter beschikking van de administratie worden gehouden die voor elk activum de volgende gegevens vermeldt:
  • de datum van de aanschaffing of van de totstandkoming
  • de juiste benaming
  • de aanschaffings- of beleggingswaarde
  • de normale gebruiksduur en de afschrijvingsduur
In voorkomend geval moeten ook de volgende documenten ter beschikking gehouden worden:
  • de vereiste afschriften en bewijzen voor de octrooien;
  • het vereiste attest voor de energiebesparende investeringen;
  • de verschillende vereiste documenten (aanvraag tot erkenning, rechtvaardigende nota, attest van de bevoegde Gewestregering, enz.) voor de milieuvriendelijke investeringen voor onderzoek en ontwikkeling.
Bron
 
Tijdelijke btw-verlaging naar 6% in de horeca
7 juni 2020

Tijdelijke btw-verlaging naar 6% in de horeca

De btw-tariefverlaging naar 6% in de horeca gaat maandag 8 juni 2020 al in, niettegenstaande het KB pas later zal gepubliceerd worden in het Belgisch Staatsblad. Onderstaand nieuwsbericht is sinds vandaag online  op de website van de FOD Financiën. Bericht van FOD Financiën Op 6 juni 2020 heeft de Ministerraad een ontwerp van koninklijk besluit goedgekeurd om het btw-tarief dat van toepassing is op sommige restaurant- en cateringdiensten te verlagen. Dit koninklijk besluit zal in werking treden op maandag 8 juni 2020 maar zal pas in de loop van deze week in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd worden. We willen de belanghebbende personen er nu alvast van informeren dat:
  • Vanaf 8 juni 2020 tot en met 31 december 2020 het verlaagd btw-tarief van 6% van toepassing zal zijn op restaurant- en cateringdiensten,
  • Met uitsluiting van het verschaffen van bieren met een effectief alcoholvolumegehalte van meer dan 0,5 % vol. en andere dranken met een effectief alcoholvolumegehalte van meer dan 1,2 % vol.
Ondanks het feit dat de benaming ’restaurantdiensten‘ anders zou kunnen doen vermoeden, gaat het hier ook om het verschaffen van dranken zonder spijzen (als dat gepaard gaat met voldoende relevante bijkomende diensten) in alle mogelijke drankgelegenheden (cafés, tavernes,…). Deze maatregel zal betrekking hebben op alle permanente of tijdelijke inrichtingen die de restaurant- of cateringdiensten verrichten. De FOD Financiën zal binnenkort een meer gedetailleerde commentaar over deze tariefwijziging publiceren. De gevolgen van de tariefverlaging op de forfaitaire regeling zullen het voorwerp uitmaken van een afzonderlijke publicatie. Gebruikt u een geregistreerd kassasysteem (GKS)? Pas de programmering van uw kassasysteem zo snel mogelijk aan! Bron
Dividenduitkering uit liquidatiereserve: hoeveel RV kunt u recupereren?
30 mei 2020

Dividenduitkering uit liquidatiereserve: hoeveel RV kunt u recupereren?

In de loop van 2020 zullen vele vennootschappen de liquidatiereserve aanslagjaar 2015 (aangelegd op 31.12.2014 en waarvan de anticipatieve heffing van 10% is voldaan) uitkeren aan 5% roerende voorheffing aangezien de vijfjarige wachttermijn verstreken is. Stel dat de liquidatiereserve aanslagjaar 2015 betaalbaar wordt gesteld op 10.06.2020. Gelijktijdig bij de betaalbaarstelling dient er een formulier RV ingediend worden en dient er 5% RV ingehouden en betaald te worden door de vennootschap. De vraag stelt zich of deze roerende voorheffing gerecupereerd kan worden in de aangifte personenbelasting in het inkomstenjaar 2020 (aanslagjaar 2021) tot een maximum van 243,60 euro (812,00 x 30%)? Een particuliere aandeelhouder kan zijn korf van 812,00 EUR aan brutodividend voor aanslagjaar 2021 opvullen met het dividend dat onttrokken is uit liquidatiereserve waarop 5% RV is ingehouden. Stel datde vennootschap in 2020 aan de aandeelhouder 20.000,00 – 5% RV (1.000)  = 19.000,00 EUR netto dividend toekent uit liquidatiereserve. Dan kan de aandeelhouderin de aangifte personenbelasting aanslagjaar 2021 roerende voorheffing recupereren voor volgend bedrag: 812,00 (korf opgevuld met dividend uit liquidatie reserve waarop 5% RV is ingehouden) x 5% = 40,60 EUR. U kunt dus niet zeggen “ik ga 812,00 x 30% =243,60 RV recupereren in de PB aangifte afkomstig uit dividend van liquidatiereserve omdat er minstens voor 243,60 EUR aan RV is ingehouden op dat dividend onttrokken uit liquidatiereserve”. Veronderstel dat de aandeelhouder naast het netto dividend van 19.000,00 EUR ook nog 500 – 30% RV (150)= 350,00 EUR als gewoon dividend in 2020 heeft ontvangen van een andere vennootschap. In deze situatie kan de aandeelhouder de 812,00 EUR korf opvullen met 500 EUR bruto gewoon dividend (waarop 30% RV ingehouden werd) en met 312,00 EUR bruto dividend uit liquidatiereserve (waarop 5% RV werd ingehouden).In dat geval is er dus recuperatie van RV mogelijk voor 165,60 EUR, zijnde: 150,00 (30%  op 500) + 15,60 (5% op 312).   Meer nuttige fiscale informatie kunt u bekomen door het bekijken van de video aangifte vennootschapsbelasting Aj 2020 en/of de video aangifte personenbelasting Aj 2020. Deze uiteenzettingen worden gegeven door Sophie Hugelier en Wim Van Kerchove. Bron
Grondwettelijk Hof vernietigt regeling onbelast bijklussen
20 mei 2020

Grondwettelijk Hof vernietigt regeling onbelast bijklussen

Het Grondwettelijk Hof heeft de wettelijke regeling inzake het belastingvrij bijklussen vernietigd zonder retroactiviteit (arrest van 23 april 2020, nr. 53/2020). Het Hof handhaaft de gevolgen van de vernietigde bepalingen voor de activiteiten geleverd tot en met 31 december 2020. Pas vanaf 01.01.2021 is er geen belastingvrij bijklussen meer mogelijk, tenzij de wetgever tegen dan in een alternatieve regeling voorziet. Belastingvrij bijklussen De wetgever had een globale regeling uitgewerkt ten aanzien van drie soorten belastingvrij bijklussen:
  1. het verenigingswerk
  2. de occasionele diensten tussen burgers’en
  3. de diensten van de ‘deeleconomie’
Er gold één globale vrijstelling als de inkomsten uit het geheel van deze activiteiten niet meer bedroegen dan 6.340 EUR (cijfer voor aanslagjaar 2021) onder welbepaalde voorwaarden en volgens diverse modaliteiten naargelang het bijklussen bestaat uit verenigingswerk, diensten tussen burgers of deeleconomie. De regeling werd ingevoerd met de wet van 18 juli 2018 betreffende de economische relance en de versterking van de sociale cohesie (BS 26 juli 2018) en trad in werking op 1 januari 2018. Daarna werd de regeling nog aangepast (onder meer door de wet van 30 oktober 2018 (BS 12 november 2018). Vernietiging met handhaving gevolgen Het Grondwettelijk Hof heeft deze wetgeving vernietigd. De vernietiging kwam er nadat begin 2019 enkele verzoekschriften bij het Grondwettelijk Hof ingediend werden namens een aantal belangenverenigingen en een groot aantal organisaties van het middenveld. Dat zijn de pijnpunten die aanleiding gaven tot de vernietiging ten aanzien van de vrijstelling van sociale en fiscale bijdragen voor de verenigingswerkers en de occasionele dienstverleners: De prestaties die als verenigingswerker of als occasionele dienstverlener worden geleverd, kunnen eveneens worden uitgevoerd in het kader van een arbeidsovereenkomst, dan wel als zelfstandige; De fiscale en sociale vrijstelling heeft tot gevolg dat de fiscale en sociale behandeling van de vergoeding voor eenzelfde activiteit verschillend is naargelang zij wordt uitgevoerd in het kader van de bestreden wet, dan wel als werknemer of zelfstandige; Dit verschil in behandeling is niet verantwoord omdat :
  • het argument dat de betrokken vergoeding voor verenigingswerkers en occasionele dienstverleners slechts bijkomstig is, gebaseerd is op ongefundeerde veronderstellingen
  • het argument dat de betrokken vergoeding voor verenigingswerkers en occasionele dienstverleners slechts bijkomstig is, gebaseerd is op ongefundeerde veronderstellingen
  • de doelstelling om zwartwerk te vermijden, niet verantwoordt dat de vergoedingen voor de betrokken prestaties volledig aan de sociale zekerheid en aan de belastingen worden onttrokken
  • de toepassingsvoorwaarden van het statuut van occasionele dienstverlener niet verhinderen dat er een verschuiving kan optreden van het statuut van zelfstandige (al dan niet in bijberoep) naar het statuut van occasionele dienstverlener, waardoor een maatregel met als doelstelling het vermijden van zwartwerk, daarentegen de mogelijkheid creëert om over te schakelen van een statuut dat onderworpen is aan de sociale zekerheid en aan fiscale verplichtingen, naar een statuut dat de betrokkene vrijstelt van al die verplichtingen.
Ten aanzien van de diensten via erkende elektronische deelplatforms gelden dezelfde overwegingen, met de volgende aanvullingen: Er is niet voorzien in een vereiste hoofdactiviteit, noch in een maandelijks maximumbedrag. Er is een tegenstrijdigheid tussen de veronderstelling dat de activiteiten buiten de beroepsactiviteit van de betrokkene vallen en de doelstelling van de wetgever om via de creatie van dat statuut het ondernemerschap te stimuleren en een opstap te bieden naar het statuut van zelfstandige. Het Grondwettelijk Hof besluit dat belastingplichtigen die zich in een vergelijkbare situatie bevinden, verschillend worden behandeld. Dit is een ongeoorloofde discriminatie. De wetgeving wordt vernietigd. Handhaving van de gevolgen tot 31.12.2020 Maar het Hof wil niet dat de personen die gebruik hebben gemaakt van de regeling inzake het belastingvrij bijklussen, en voor wie de verworven inkomsten mogelijkerwijs allerminst bijkomstig van aard zijn, de dupe worden van de vernietiging. Het besluit daarom de gevolgen van de beide vernietigde wetten te handhaven voor de activiteiten geleverd tot en met 31 december 2020. Dit betekent dat de prestaties die binnen het toepassingsgebied vallen van de vernietigde wetten, nog tot 31 december 2020 kunnen uitgevoerd worden onder het huidige systeem van onbelast bijverdienen. Gevolgen vanaf 01 januari 2021 Voorlopig wijzigt er dus niets. Wie actief is in een van de drie soorten belastingvrij bijklussen kan dit nog tot eind 2020 blijven doen met de belastingvrijstelling. Als de wetgever niets doet, verdwijnt de regeling inzake het belastingvrij bijklussen zonder meer uit de rechtsorde vanaf 1 januari 2021. Wellicht zal de regering en het parlement er alles aan doen om een alternatieve nieuwe regeling te maken die de kritiek vanwege het Grondwettelijk Hof zal kunnen doorstaan. Men zou ook gemakkelijkheidshalve terug kunnen grijpen naar de regeling uit de Programmawet van 01.07.2016 inzake de deeleconomie (met de belasting tegen 20 % en een kostenaftrek van 50%). Wordt ongetwijfeld vervolgd… Bron
Nieuw formulier voor btw-controle bouwwaarde
20 april 2020

Nieuw formulier voor btw-controle bouwwaarde

De btw-administratie heeft het nieuwe formulier (nr. 111 B57) gepubliceerd dat moet worden ingediend door de eigenaar van een pas opgericht gebouw binnen de drie maanden vanaf de datum van de betekening van het kadastrale inkomen om een correcte heffing van de belasting te verzekeren op de handelingen die hebben bijgedragen tot de oprichting ervan (circulaire nr. 2020/C/51 van 6 april 2020 – KB nr. 58). Dit formulier vervangt het formulier 106.3 inzake de controle op de bouwwaarde. Niet meer voor alle bouwheren! De BTW-Administratie zal zelf aan de eigenaar van een pas opgericht gebouw een schrijven richten waarin ze hem uitnodigt om de nodige inlichtingen met betrekking tot het pas opgerichte gebouw mee te delen. Dit nieuwe formulier bestaat uit een vragenlijst met 15 vragen. De antwoorden hierop zal de administratie gebruiken om verdere selecties te maken van dossiers die verder zullen onderzocht worden met betrekking tot de normale waarde van het gebouw en of het juiste btw-tarief werd toegepast. In principe moet dit formulier online worden ingediend. Evenwel is de applicatie daartoe momenteel nog niet beschikbaar, zodat het voorlopig nog via e-mail moet worden bezorgd en indien dit niet mogelijk is, mag het nog op papier. Welke inlichtingen moeten verstrekt worden? Naast de administratieve gegevens met betrekking tot het gebouw, met name het adres van het goed, het type gebouw (halfopen woning, open woning of rijwoning) en de referenties van de stedenbouwkundige vergunning toegekend door de bevoegde overheid, bevatten de inlichtingen een aantal gegevens die rechtstreeks in verband staan met de oprichtingswerken van het gebouw. De inlichtingen inzake de bouwwerken hebben betrekking op:
  • De aard van de met betrekking tot het gebouw uitgevoerde werken (nieuwbouw of heropbouw na afbraak) en het op die handelingen door de aannemer(s) toegepaste btw-tarief
  • De relevante architectonische kenmerken van het gebouw (zoals bijvoorbeeld de grondoppervlakte van de verschillende verdiepingen van het gebouw, het aantal verdiepingen, de vorm van het gebouw, het type dak of de aanwezigheid van kelders of bijgebouwen)
  • De relevante bouwtechnieken die werden toegepast (zoals bijvoorbeeld de installatie van zonnepanelen, warmtepompen, airco, vloerverwarming, domotica, enz.)
  • De kostprijs exclusief btw van de bouwwerken
  • Een overzicht van de door eigenaar van het gebouw zelf uitgevoerde werken
  • De informatie betreffende de mogelijke bestemming van het gebouw (bv. verhuur of onmiddellijke doorverkoop)
  • De ontbrekende contactgegevens van de contactpersoon en de handtekening van de eigenaar (voor zover die nog niet voorkomen in het document dat naar de eigenaar werd verzonden).
Algemene btw-verplichtingen Ongeacht of er een vraag vanwege de Administratie komt om de vragenlijst in te vullen, moet de bouwheer steeds de plannen, bestekken en de facturen van het opgerichte (bij)gebouw of van de verbouwing gedurende vijf jaar bewaren, te rekenen vanaf de datum van betekening van het kadastrale inkomen. Sancties Het niet tijdig indienen van het formulier nr. 111 B57 is een inbreuk begaan op de toepassing van artikel 64, § 4, van het Wetboek. Overeenkomstig de bijlage bij het koninklijk besluit nr. 44 van 09.07.2012 tot vaststelling van het bedrag van de niet-proportionele fiscale geldboeten op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde, afdeling 6, is een boete verschuldigd van 250,00 euro. Bron