Nieuwigheden voor uw belastingaangifte van 2021

Door de coronacrisis en de nieuwe federale regering zal de belastingaangifte die u in 2021 moet invullen er anders uitzien dan gewoonlijk. Een overzicht.

1. Hoger belastingvoordeel voor kinderopvang

Betaalde u in 2020 opvangkosten aan bijvoorbeeld de crèche, voor- en naschoolse opvang of een zomerkamp met de jeugdbeweging? U kunt een groter deel van die kosten via uw belastingaangifte recupereren. De voorbije jaren kon u voor een kind tot 12 jaar (18 jaar voor kinderen met een zware handicap) tot 11,20 euro per dag aan opvangkosten fiscaal inbrengen.

Voor de opvangkosten betaald in 2020 is het maximumbedrag opgetrokken tot 13 euro per opvangdag. Tegelijk bedraagt de leeftijdsgrens nu 14 jaar (21 jaar voor kinderen met een zware handicap).

Een andere nieuwigheid is dat u ook uitgaven voor de professionele thuisopvang van zieke kinderen zult kunnen inbrengen. De belastingvermindering hangt af van het inkomen van de ouders. Ze bedraagt minstens 45 procent en kan voor alleenstaande ouders met een beperkt inkomen oplopen tot 75 procent. Vanaf het inkomstenjaar 2021 wordt het maximumbedrag verder opgetrokken tot 13,70 euro.

Door de annulering van tal van jeugd- en sportkampen en andere activiteiten in de paasvakantie werd bepaald dat ouders die hun geld voor die geannuleerde activiteiten niet terugvroegen toch het belastingvoordeel zullen krijgen. Daarmee wordt afgeweken van de regel dat er effectief opvang moet zijn geweest. De uitzondering geldt voor alle activiteiten die in de periode van 14 maart tot en met 31 december werden geannuleerd.

2. Meer belastingvoordeel voor giften

Giften van minstens 40 euro aan erkende instellingen – zoals het Rode Kruis, de Koning Boudewijnstichting, Rode Neuzen Dag, Kom op tegen Kanker of de Koninklijke Muntschouwburg – worden met een belastingvoordeel gestimuleerd. Voor giften gedaan in 2020 is de belastingvermindering hoger: 60 procent in plaats van de gebruikelijke 45 procent.

Van een minimumgift van 40 euro recupereert u dus via uw belastingaangifte 24 euro. Het maximumbedrag van uw inkomen dat u aan giften kunt spenderen, is opgetrokken van 10 naar 20 procent van uw netto-inkomen. Het absolute maximum blijft onveranderd op 397.859 euro. Het belastingvoordeel is er ook voor onlinegiften, zoals via PayPal of Mollie.

Door de strijd tegen het coronavirus geldt het belastingvoordeel uitzonderlijk ook voor giften in natura aan OCMW’s, ziekenhuizen, het Rode Kruis en instellingen voor mensen met een handicap, bejaarden en beschermde minderjarigen. Het kan gaan om medisch materieel of producten in de strijd tegen het coronavirus, zoals mondmaskers, ontsmettingsmiddelen, testsets, beademingstoestellen, beschermende kledij, veiligheidsbrillen en waterdichte poncho’s. De giften moeten tussen 1 maart en 30 juni 2020 gedaan zijn. Om het afstandsonderwijs te ondersteunen, is het belastingvoordeel er ook voor computers die tussen 1 maart en 31 december geschonken worden aan Belgische scholen.

Ondernemers, handelaars of vrijeberoepers die goederen schenken die vervaardigd of verworven zijn in het kader van hun beroepsactiviteit, kunnen die giften in natura uitzonderlijk ook inbrengen als beroepskosten. Dat kan voor giften in natura, gedaan tussen 1 maart en 31 juli 2020. Computers kunnen tot eind december aan scholen worden geschonken. De aftrek als beroepskosten kan niet gecumuleerd worden met de belastingvermindering voor giften

3. Niet alle studentenarbeid geteld

Ouders die kinderen ten laste hebben, betalen minder belastingen. Studenten zijn maar fiscaal ten laste van hun ouders op voorwaarde dat ze beperkte eigen inkomsten hebben. Daarbij wordt gekeken naar de zogenaamde nettobestaansmiddelen. Kinderen van gehuwde of wettelijke samenwoners mogen in 2020 maximaal 3.380 euro nettobestaansmiddelen hebben. Een zoon of dochter van een alleenstaande of feitelijk samenwonende ouder mag tot 4.880 euro bestaansmiddelen opstrijken.

Door de maatregelen die de overheid nam om de impact van de coronacrisis te beperken, worden bezoldigingen voor studentenarbeid in het tweede kwartaal (van 1 april tot en met 30 juni 2020) niet meegeteld bij de berekening van de bestaansmiddelen. Dat geldt in alle sectoren waarin studenten hebben gewerkt en ongeacht het betalingstijdstip. Bovendien zullen de bezoldigingen voor de uren studentenarbeid in de zorgsector en het onderwijs in het vierde kwartaal van 2020 en in het eerste kwartaal van 2021 niet in rekening worden gebracht.

4. Hoger belasting-voordeel voor mantelzorgers

Mantelzorgers die zich om oudere, inwonende familieleden bekommeren, krijgen een bijkomende financiële ondersteuning. Er bestaat al langer een belastingvoordeel voor inwonende personen ten laste. Dat neemt de vorm aan van een toeslag op de zogenaamde belastingvrije som, een eerste schijf van inkomsten die niet belast wordt. Door de toeslag op de belastingvrije som ontsnapt een groter deel van de inkomsten aan belastingen.

Voor het inkomstenjaar 2020 is de toeslag op de belastingvrije som opgetrokken voor wie een zorgbehoevende (groot)ouder, broer of zus van meer dan 65 jaar in huis neemt: van 3.270 tot 4.900 euro. Daardoor moet u 534 euro minder belastingen betalen.

Of iemand zorgbehoevend is, hangt af van de graad van zelfredzaamheid. Voor het extra belastingvoordeel is een verminderde zelfredzaamheid van ten minste 9 punten vereist.

5. Taxshelter voor kmo’s uitgebreid

De taxshelter is een bestaande belastingvermindering van 30 of 45 procent voor wie tot 100.000 euro nieuwe aandelen koopt van een starter of een groeibedrijf. Tijdelijk komt daar nu een mogelijkheid bij: investeringen in kmo’s die door de coronacrisis hun omzet tussen 14 maart en 30 april 2020 met minstens 30 procent zagen dalen.

Het bijkomende belastingvoordeel is er voor particulieren die inschrijven op nieuwe aandelen op naam tijdens een kapitaalverhoging tot maximaal 250.000 euro tussen 14 maart en 31 december 2020. Bij een betaling en volstorting van de aandelen in dezelfde periode is er een belastingvermindering van 20 procent voor een maximale investering van 100.000 euro, wat het maximale belastingvoordeel op 20.000 euro brengt. De aandelen moeten 5 jaar worden bijgehouden, anders moet het belastingvoordeel deels worden teruggegeven.

6. Toch woonbonus bij coronaverlenging

In Vlaanderen is er sinds begin 2020 geen woonbonus meer voor wie een nieuwe lening aangaat voor de aankoop of bouw van een gezinswoning. Leningen die al liepen, behouden hun belastingvoordeel, maar looptijdverlengingen leveren in principe geen belastingvoordeel meer op.

Van die regel wordt afgeweken voor looptijdverlengingen door betalingsuitstel naar aanleiding van de coronacrisis. Wie door de coronacrisis tijdelijk werkloos werd, kon aan de bank vragen om zes maanden lang het krediet niet te moeten afbetalen. De schuld werd niet kwijtgescholden, maar de looptijd van de lening werd met enkele maanden verlengd. Die extra maanden zullen wel nog een belastingvoordeel opleveren.

7. Vlaamse win-winlening uitgebreid

Sinds 2006 kunnen vrienden en familieleden met een win-winlening geld uitlenen aan een of meerdere kleine en middelgrote ondernemingen met een zetel in het Vlaams Gewest. Wie zo’n achtergestelde lening toestaat, krijgt een jaarlijkse belastingkorting van 2,5 procent op het openstaande kapitaal.

Omdat veel ondernemers tijdens de coronacrisis nood hebben aan extra kapitaal, werden de mogelijkheden voor win-winleningen afgesloten na 6 oktober 2020 uitgebreid. Het maximumbedrag dat men mag uitlenen, is van 50.000 naar 75.000 euro opgetrokken. Een kredietnemer kan maximaal 300.000 euro in plaats van 200.000 euro ontlenen. De duurtijd hoeft niet langer acht jaar vast te zijn, maar kan schommelen tussen vijf en tien jaar.

Er is een garantie voor het geval de kmo failliet gaat of het bedrijf de lening niet meer kan terugbetalen: een eenmalig belastingkrediet van 30 procent van het verloren gegane kapitaal, waardoor de ontlener 30 procent van zijn centen terugkrijgt. Dat vangnet wordt uitgebreid voor leningen gesloten na 15 maart 2020 tot uiterlijk 31 december 2021, tot een eenmalig belastingkrediet van 40 procent en dat voor de volledige looptijd van de win-winlening.

Bovendien kan de duur van een lopende lening die vervalt in 2020 met maximaal twee jaar verlengd worden. Zo kunnen ondernemingen de terugbetaling meer spreiden of uitstellen.

Ook kleine aandeelhouders – met maximaal 5 procent van de aandelen – zullen voortaan een win-winlening kunnen verstrekken aan de vennootschap.
De Brusselse variant van de Vlaamse win-winlening is de proxilening. Ook daarvan werden de voorwaarden door de coronacrisis versoepeld.

Tegelijk is er een extra Vlaamse mogelijkheid om een bevriende kmo te steunen: het vriendenaandeel. Daarmee worden familieleden en vrienden fiscaal gestimuleerd om aandelen te verwerven in kmo’s. Er zal een belastingvoordeel zijn voor wie intekent op een kapitaalverhoging met nieuwe aandelen op naam. De grens van maximaal 75.000 euro per inbrenger per jaar en maximaal 300.000 euro per kmo zal gelden voor de win-winlening en het vriendenaandeel samen. Voor het vriendenaandeel zal er een belastingkrediet van 2,5 procent gedurende maximaal vijf jaar zijn, wat het maximale voordeel op vijf keer 1.875 euro brengt. De aandelen moeten vijf jaar worden bijgehouden.

8. Receptiekosten volledig aftrekbaar

Wellicht zal er door de coronacrisis maar weinig zijn uitgegeven aan receptiekosten. Denk maar aan een personeelsfeest, of een receptie die een autodealer geeft bij de voorstelling van een nieuw model. Die beroepsmatige receptiekosten kunnen normaal voor de helft als beroepskosten worden ingebracht. Om de evenementensector te ondersteunen, is er geen aftrekbeperking meer voor receptiekosten betaald van 8 juni tot en met 31 december, wat betekent dat ze 100 procent aftrekbaar zijn.

Verwar receptiekosten niet met restaurantkosten (voor 69 procent aftrekbaar) of relatiegeschenken (voor 50 procent aftrekbaar).

9. Tal van fiscale grensbedragen bevroren

Tal van fiscale plafonds worden elk jaar geïndexeerd,

om gelijke tred te houden met de levensduurte. In februari werden de geïndexeerde grensbedragen voor het inkomstenjaar 2020 – die gelden voor de belastingaangifte die u in 2021 invult – gepubliceerd in het Staatsblad. Maar de regering heeft in de programmawet beslist dat sommige fiscale plafonds voor de inkomstenjaren 2020 tot en met 2023 niet geïndexeerd zullen worden. Daardoor gelden de plafonds van het inkomstenjaar 2019.

De jaarlijkse indexering zal opnieuw plaatsvinden vanaf het inkomstenjaar 2024. Een vermindering van het plafond met 10 euro betekent maximaal 5 euro meer belastingen op jaarbasis.

De bevriezing treft tal van plafonds die van belang zijn voor spaarders en beleggers: de vrijgestelde intresten op spaarrekeningen, vrijgestelde dividenden, pensioen- en langetermijnsparen . De belangrijkste andere bevroren plafonds zijn:

Federale woonbonus De federale woonbonus bedraagt maximaal 3.210 euro (60 euro minder door de bevriezing). Dat belastingvoordeel is er voor wie destijds leende voor zijn gezinswoning en die lening nog steeds afbetaalt, maar er niet langer woont.

Werkgeversaandelen Koopt u nieuwe aandelen in de vennootschap van uw werkgever of een moederonderneming? Voor een aankoop van maximaal 780 euro (20 euro minder door de bevriezing) aan werkgeversaandelen kunt u een belastingvermindering van 30 procent vragen, wat het maximale voordeel op 240 euro brengt.

Rechtsbijstandsverzekering Premies betaald voor een rechtsbijstandsverzekering tot 310 euro (geen verschil in vergelijking met 2019) geven recht op een belastingvermindering van 40 procent, wat het maximale voordeel op 124 euro brengt. Zo’n verzekering neemt de kosten van allerhande juridische geschillen op zich. Het moet gaan om een aparte polis voor rechtsbijstand. Het luikje rechtsbijstand in uw brand- of autoverzekering voldoet bijvoorbeeld niet.

10. Flexibiliteit voor thuiswerkende grensarbeiders

Woont u in België, maar werkt u in Nederland, Duitsland, Frankrijk of Luxemburg? Voor de periodes die u in het buitenland aan de slag bent, wordt u belast in de werkstaat en niet in België. Maar door de coronacrisis werkten veel grensarbeiders noodgedwongen thuis. In principe zouden ze voor het thuiswerk in België en niet in de werkstaat worden belast. Maar er werd een regeling uitgewerkt, waardoor grensarbeiders ook voor de dagen coronathuiswerk van 11 maart tot en met 31 december 2020 in het buitenland worden belast.

Die neutralisatie van het thuiswerk geldt echter niet voor de gewone thuiswerkdagen die losstaan van de coronamaatregelen.

11. Consumptiecheques ontsnappen aan belastingen

Door het relanceplan van de federale regering kunnen bedrijven nog tot het einde van het jaar hun werknemers een belastingvrije ‘consumptiecheque’ geven. Die moet de koopkracht van werknemers opkrikken én sectoren boosten die door de coronacrisis zwaar zijn getroffen. Tot 300 euro blijven de cheques belastingvrij. U kunt ze besteden in horecazaken of kleinhandelszaken die minstens een maand verplicht moesten sluiten. Ze gelden ook in de erkende of gesubsidieerde cultuur- en sportsector.

De cheques blijven tot 7 juni 2021 geldig, maar de Nationale Arbeidsraad vraagt dat de geldigheidsduur tot 31 december 2021 wordt verlengd.

Ook voor het federale zorgpersoneel komen er consumptiecheques. Een voltijdse werknemer zal een eenmalige premie van 300 euro krijgen. Werkgevers kunnen de cheques tot 30 juni van volgend jaar uitgeven. Ze kunnen worden gebruikt tot en met 31 december 2021.

12. Geen belasting op thuiswerk-vergoeding

Door de coronacrisis werken veel meer werknemers – gedurende bepaalde periodes verplicht – thuis. Sinds 1 maart kunnen werkgevers een forfaitaire thuiswerkvergoeding geven om de kosten voor de inrichting en het gebruik van een werkruimte bij u thuis te dekken. Denk maar aan de huur of afschrijving van de woning, kantoormeubelen, printer- en computeraccessoires, kleine benodigdheden zoals nietjes en papier, onroerende voorheffing, verzekering, water, elektriciteit, verwarming, onderhoud…

13. Extra overuren in cruciale sectoren

Ook aan deeltijdse werknemers mag het maximumbedrag van de thuiswerkvergoeding betaald worden, ongeacht het aantal uren van de arbeidsovereenkomst. Die vergoeding is belastingvrij zolang ze niet meer bedraagt dan 129,48 euro per maand (126,94 euro in maart) en wordt toegekend aan werknemers die minstens vijf werkdagen per maand thuiswerken.

Door de uitbraak van het coronavirus konden werknemers in cruciale of essentiële sectoren en diensten – zoals de zorg, voedingshandel, landbouw en scheikundige industrie – vrijwillig meer overuren doen. Tussen april en 30 juni 2020 konden ze boven op de gebruikelijke 100 overuren nog eens 120 vrijwillige uren presteren. Als voor die uren geen overloon werd betaald, ontsnappen ze aan belastingen.

14. Bruggepensioneerde kon zonder sanctie bij vroegere werkgever werken

Het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT) – het vroegere brugpensioen – is een regeling waardoor oudere werknemers na hun ontslag een bedrijfstoeslag krijgen boven op de werkloosheidsuitkering. Gaat die werknemer bij een andere werkgever aan de slag? Sinds 2016 zijn die bedrijfstoeslag en eventuele aanvullende vergoedingen die verplicht worden doorbetaald, vrijgesteld van belastingen. Dat is in principe niet het geval als de bruggepensioneerde opnieuw bij de vroegere werkgever aan de slag gaat. Door de coronacrisis wordt daarop een uitzondering gemaakt: een werkhervatting in april, mei en juni 2020 in een vitale sector bij de vroegere werkgever wordt uitzonderlijk gelijkgesteld met een werkhervatting bij een andere werkgever. De toeslagen blijven dus belastingvrij.

Bron: De Tijd